Digital Humanities

25 Feb 2014
toegevoegd door

Digital humanities

In oktober 2013 publiceerde De Groene Amsterdammer een speciaal nummer over de tien meest belovende ontwikkelingen in de Geesteswetenschappen. Met stip op nummer één stond niet een discipline of een theorie, maar een benadering, of misschien moeten we zeggen, een instrumentarium: Digital Humanities. In december en januari organiseerde de KNAW en NWO samen een drietal SPUI25 bijeenkomsten met als titel: Digitale geesteswetenschappen: hype of revolutie? Drie keer was de zaal in een mum van tijd gevuld en ontstonden er wachtlijsten. Of het nu ging over de digitale kaart van verstedelijking, de ontsluiting van kunst uit de Gouden Eeuw of het gebruik van sociale media bij informatieve televisieprogramma’s: onderzoekers uit alle hoeken van de humaniora toonden belangstelling voor elkaars onderzoek. Misschien nog opvallender was juist de afwezigheid van grote woorden als “hype” of “revolutie”. Net als in de enquête in De Groene Amsterdammer, was ook tijdens deze avonden sprake van gezonde nieuwsgierigheid naar deze nieuwe ontwikkelingen.

Van oudsher zijn geesteswetenschappers sterk in het interpreteren en analyseren van cultuuruitingen: afhankelijk van hun discipline concentreerden onderzoekers zich op tekst, beeld, geluid, of contextuele data. Zo bestudeerden ze het oeuvre van één schilder, de romans van één schrijver, het taalgebruik van één sociale groep of het publieke debat over éen onderwerp. In dat soort kwalitatieve onderzoek excelleren geesteswetenschappers.  Sinds een kleine tien jaar beschikken we echter ook over steeds meer grote gedigitaliseerde bestanden. Om deze rijkdom aan materiaal te ontginnen zijn we nieuwe tools gaan ontwikkelen: tools om de data te bevragen op betekenisvolle inhoud. Digital humanities verbindt methoden uit de klassieke humaniora met die uit de informatica om zo grote databestanden te onderzoeken en interpreteren. En door die nieuwe beschikbaarheid van data en instrumenten kunnen we de samenhang tussen tekst, beeld, en context onderzoeken.

Wat ik merkte tijdens die avonden in SPUI25 was de belangstelling voor digitale data die geesteswetenschappers nieuwsgierig maakt naar elkaars benadering. Immers, bestanden van kunstenaarsnetwerken uit de 17e eeuw, kaarten van Nederland, en tweets in een publiek debat tijdens Pauw & Witteman vormen allemaal puzzelstukjes in de grote vragen die geesteswetenschappers bezig houden: de vraag naar patronen van cultuur en cultuurverandering. Om die puzzelstukjes in elkaar te passen, moeten instrumenten met elkaar kunnen praten. Voor het interpreteren, de bewerken en presentateren van data zijn we sterk afhankelijk van elkaars inzichten. Of het nu om historische of contemporaine vragen over cultuur gaat, het grotere methodologische kader van de digital humanities inspireert geesteswetenschappers om complexe vragen over cultuur opnieuw te stellen en te beantwoorden.

Maar nog mooier is dat ‘digitale’ geesteswetenschappers iets heel essentieels kunnen bijdragen aan het grote wetenschappelijke project van de Big Data. Ze leveren namelijk ook bouwstenen voor de grotere vragen rondom Big Data. Waar informatici heel goed zijn in het ontwerpen van zoekalgoritmes, en gamma’s alles willen weten over het gedrag van gebruikers, is de kracht van alfa’s het interpreteren van menselijke boodschappen. Data zijn niet vanzelf eenduidig; ze zitten vol ruis, net als cultuur vol ruis zit. Boodschappen zijn ironisch of ambigu. Beelden hebben een denotatie maar ook een connotatie. Historische cijfers over armoede zijn geen feiten, maar vragen om duiding. En meningen in een publiek debat zijn talrijk maar ook diffuus. Wie cultuur bestudeert, weet dat content interpretatie behoeft en dat boodschappen pas in hun complexe samenhang betekenis krijgen. Die complexiteit van content begrijpen, dat is de bijdrage van geesteswetenschappers aan het Big Data onderzoek.

Ik denk dat de “digitale wending” in de geesteswetenschap noch een revolutie is, noch een hype, maar een heel nuttige instrumentele verbintenis tussen de disciplines. En die houding was precies de sfeer die ik proefde tijdens de avonden in SPUI25. Geen hype. Geen revolutie. Gewoon gezonde nieuwsgierigheid.

Reageer

Uw e-mailadres wordt niet getoond.